Het kennisplatform voor de dierenartspraktijk

22 January, 2010

Van hartziekte tot congestief hartfalen: wanneer geef ik wat?


De 6e editie van het Boehringer Ingelheim ‘State of the Heart’ symposium, dat 27 maart 2009 plaatsvond in Utrecht, had als thema ‘Heart’ evidence: putting science into practice’. Een (inter)nationaal sprekerspanel besprak de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen op het gebied van diagnostiek en behandelingsmogelijkheden binnen de veterinaire cardiologie. Dr. Viktor Szatmári, Europees specialist veterinaire cardiologie van gezelschapsdieren, gaf een overzicht van diverse hartaandoeningen bij de hond met bijbehorende behandelingen en hij besteedde aandacht aan de diagnostiek en behandeling van pulmonale hypertensie bij de hond.

In deze uitgave van In Praktijk vindt u het verhaal van dr. Szatmári over de meest voorkomende hartaandoening en congestief hartfalen. Congestief hartfalen is het eindstadium van verschillende hartaandoeningen. Niet elke hartaandoening hoeft  behandeld te worden, maar congestief hartfalen wel. Bovendien vragen de divers hartaandoeningen  zoals  bijvoorbeeld het 3e graads AV-blok, ventriculaire tachycardie of een pulmonalisstenose, om verschillende behandelingen, zoals bijvoorbeeld chirurgie (plaatsen pace-maker), een medicamenteuze therapie of catheterisatie. Voor de behandeling van congestief hartfalen wordt een vrij standaard medicamenteus protocol gebruikt.

De meest voorkomende hartaandoening bij de hond

Myxomateuze klepdegeneratie is de meest voorkomende hartaandoening bij de hond. De oorzaak van deze progressieve aandoening is onbekend. Oudere honden van kleine rassen zijn duidelijk gepredisponeerd. Meestal wordt de mitralisklep aangetast, wat leidt tot mitralisklepinsufficiëntie. Het gehele artikel leest u in In Praktijk, verschijnt 4 februari aanstaande.


^ Top
Volgende pagina: VetVisuals